Brusselse wafels
Luchtige, rechthoekige Brusselse wafels met een krokant korstje en een zacht, bijna hol binnenste. Met opgeklopt eiwit worden ze heerlijk licht en bestrooid met bloemsuiker een echte klassieker.
Ingrediënten
Bereidingswijze
1. Meng in een grote kom de bloem met het bakpoeder, de vanillesuiker en een snuf zout.
2. Klop de eierdooiers los met de lauwe melk en giet dit al roerend bij de bloem tot een glad beslag.
3. Roer de gesmolten, iets afgekoelde boter door het beslag.
4. Klop de eiwitten in een aparte vetvrije kom stijf tot ze mooie pieken vormen.
5. Spatel de opgeklopte eiwitten voorzichtig door het beslag zodat het luchtig blijft.
6. Verwarm het wafelijzer goed voor en vet het licht in.
7. Schep telkens een portie beslag in het ijzer en bak de wafels goudbruin en krokant in ongeveer vier minuten.
8. Houd de gebakken wafels warm op een rooster zodat ze niet zacht worden.
9. Bestrooi de Brusselse wafels vlak voor het serveren royaal met bloemsuiker en dien eventueel op met slagroom en verse aardbeien.